Het is niet altijd duidelijk wat voor dier het is, ook al lijkt het sprekend op een regenworm.  Een verhaal waar geen end aan komt, net als sommige wormensoorten...........

De hazelworm is geen worm en ook geen slang, waar velen hem voor aan zien, waardoor hij vaak wordt gedood. Er zijn meer van die wormachtige dieren, die toch geen worm zijn:

 

Wormslang-Typhlops-vermicularis

 Moorse-wormhagedis-Blanus-cinereuswormslamander

wormslang                               wormhagedis                            wormsalamander

 

Ja kom daar als leek maar eens uit.......
Het lijkt niet te doen, maar het scheelt als je bedenkt dat de wormsalamander familie is van de kikker, dus een amfibie. De wormslang en de wormhagedis horen bij de reptielen. Amfibieën hebben een dunne slijmerige huid, reptielen juist een droge huid met hoornschubben, dus die voelen heel anders aan. Regenwormen hebben geen botjes, zoals de wormslang en de wormsalamander wel. Maar ook veel andere organen zijn afwezig of heel anders gebouwd dan bij de gewervelde dieren. Een aantal soorten aardwormen is moeilijk te onderscheiden van de wormhagedissen, vooral als het gaat om kleinere soorten.

Ik heb de wormslakken nog niet genoemd: bijzondere dieren, die prachtige huisjes maken. Wormslakken horen bij de weekdieren, net als alle tweekleppigen, de mossel enz. en de inktvissen. In mijn schelpencollectie heb ik meerdere fraaie soorten wormslakken, zoals deze:

 

wormslakken1

wormslakken2

 

 

 

 

 

 

 

 

Soorten wormslakken uit mijn collectie                 Fraaie Siliquaria anguina uit de Fillipijnen.

 

De 'echte' worm in het rijtje is meestal de meest bekende, de regenworm.
Die heeft zijn naam te danken aan het feit dat je ze bij regenweer vaker boven de grond ziet kruipen. Net als slakken kunnen regenwormen uitdrogen, dus vochtig weer lokt ze naar boven, maar de trilling die een regenbui op de grond veroorzaakt zou ook een signaal kunnen zijn om omhoog te kruipen: er zou een mol aan kunnen komen. Wij bootsen dat na door een spa in de grond te steken en te laten trillen. Meeuwen kennen dit kunstje ook

Regenwormen zijn geliefd voedsel voor heel veel diersoorten: merels, lijsters, roodborstje, kraai, meeuw, kievit, grutto, mol, muis, spitsmuis das, kever, slak, pas, kikker, adder, hazelworm, duizendpoot, en ga maar door. Zelfs een grote roofvogel als de buizerd eet graag een wormpje tussendoor. Regenwormen zijn natuurlijk hoogwaardig eiwit: zo 'n diertje bestaat grotendeels uit spieren. En ze zijn bijzonder talrijk: gemiddeld zo 'n 1 miljoen per hectare (100 bij 100 meter)!

 

wormtrappelende-kokmeeuw

 am-roodborst2am-roodborst-1

wormentrappelende kokmeeuw         Een Amerikaanse roodborst moet flink trekken 

 

Een regenworm is zo 'n 10-30 cm groot, afhankelijk van de soort (de dauwpier, mestpier of rode regenworm). Maar er zijn grotere familieleden.
In 1967, in Zuid-Afrika, vond men langs de weg een reuzenaardworm, (Microchaetus rappi) van 6,7 meter. Er bestaan wel langere wormen: de lintwormen, die wel 30 meter lang kan worden, maar de recordhouder is de snoerworm, (Lineus longissimus), die ook bij ons voorkomt in de wateren bij Zeeland. Die halen minstens 30 m. en er gaan verhalen over exemplaren van 60 m. Ze zijn slecht 5-10 mm dik en bedekt met trilharen. Het langste exemplaar van deze soort werd in 1864 gevonden in St. Andrews (Schotland) met een lengte van 55 meter.

 

Giant-South-African-Earthworm

aardwormlangste-worm

                         Afrikaanse reuzenaardworm                                1 snoerworm

 

Een bizar lange snoerworm werd gefilmd, vlak voor hij in zijn hol verdween.

De snoerworm blijkt dus het langste dier ter wereld te zijn en verslaat zijn grote concurrent, de blauwe vinvis, die 'slechts' 33 m. haalt.